Maaltijdvervangers worden meestal verkocht als poeder voor een shake, in een zak of pot met een maatschep. Op de voorkant staan woorden over smaak en gemak, maar de eigenlijke informatie zit aan de achterkant: de ingrediëntenlijst, de voedingswaardetabel en de allergeneninformatie. Voor een vergelijking tussen twee producten zijn die drie onderdelen genoeg.
Of een maaltijdvervanger bij iemand past, is een persoonlijke vraag. Wie overweegt maaltijden structureel te vervangen, medicijnen gebruikt of een aandoening heeft, bespreekt dat vooraf met de huisarts of een diëtist. Wat wel voor iedereen hetzelfde werkt, is de manier waarop een etiket gelezen wordt.
Per 100 gram vergelijken, niet per portie
De voedingswaardetabel geeft de waarden per 100 gram poeder en vaak ook per bereide portie. Voor een eerlijke vergelijking tussen merken is de kolom per 100 gram het bruikbaarst, omdat de portiegrootte per fabrikant verschilt. Daarbij telt ook de bereiding mee. Een shake die met melk wordt aangemaakt, krijgt de eiwitten, vetten en melksuiker van die melk erbij. Twee producten die met verschillende vloeistoffen worden bereid, zijn per portie dus lastig naast elkaar te leggen.
Eiwit: hoeveel en waarvandaan
Het eiwitgehalte zegt iets over de hoeveelheid, niet over de bron. Daarvoor is de ingrediëntenlijst nodig, waarin de ingrediënten op volgorde van gewicht staan. Veel shakes werken met een enkele eiwitbron, vaak wei of melkeiwit. Be Slank vermeldt bijvoorbeeld een mix van vijf verschillende plantaardige eiwitten, met daarnaast vitamines, mineralen en meer dan twintig groente- en fruitextracten.
Een product met 90 procent eiwit of meer is in feite een eiwitpoeder, oorspronkelijk bedoeld voor sporters. Zo’n poeder bevat doorgaans weinig vezels en weinig andere voedingsstoffen, en is daarmee iets anders dan een maaltijdvervanger.
Suikers en vezels
Onder koolhydraten staat de regel waarvan suikers. Daar zitten de grootste verschillen tussen merken. De vergelijkingstabel op be-slank.nl zet eiwit, suikers, vetten en vezels van een reeks shakes in procenten naast elkaar, met suikergehaltes van 3 tot 57 procent en vezelgehaltes van 0 tot bijna 20 procent. Het product van de aanbieder zelf staat daarin met 65 procent eiwit, 3 procent suikers, 4,1 procent vet en 19,7 procent vezels. Zulke tabellen zijn handig, maar de cijfers op het etiket van het product zelf blijven de bron om op te vertrouwen.
Zoetstoffen en andere toevoegingen
Bevat een product zoetstoffen, dan moet dat op de verpakking vermeld staan, en in de ingrediëntenlijst staan ze met naam of E-nummer. Kleurstoffen en andere additieven staan er eveneens in, met hun functie en naam of E-nummer. Een korte ingrediëntenlijst is niet per definitie beter, maar een lange lijst met veel hulpstoffen is wel een reden om beter te kijken.
Allergenen en sporen
Allergenen zoals melk, soja, gluten, ei en pinda moeten in de ingrediëntenlijst opvallend zijn weergegeven, bijvoorbeeld vetgedrukt. Daarnaast staat er soms een vermelding als kan sporen bevatten van. Die gaat over de fabriek: als daar ook andere allergenen worden verwerkt, is een kleine hoeveelheid in het product niet uit te sluiten. Een shake zonder lactose als ingrediënt kan zo toch sporen van melk, ei of pinda bevatten. Voor wie een allergie heeft, is die regel op de achterkant belangrijker dan elke vermelding op de voorkant.


Recente reacties